Zoek strandingen

Aantal strandingen in 2019

    Walvisjacht voor de Nederlandse kust

    Het zat er aan te komen, maar nu is het bewezen: grijze zeehonden jagen op bruinvissen (van Bleiswijk et al. 2014, Leopold et al. 2014)! Al in 2012 schreven onze collega's in België over twee ernstig beschadigde bruinvissen die vermoedelijk gegrepen waren door grijze zeehonden (Haelters et al. 2012).

    Beschadigde bruinvissen zijn lokaal verschijnsel

    Jaarlijks spoelen er in de zuidelijke Noordzee honderden dode bruinvissen. Verreweg de meeste worden in Nederland gemeld. Een deel van de dieren toont schokkende beschadigingen: de soms kakelverse dieren lijken met geweld te zijn opengescheurd en hebben soms zelfs gebroken botten. Tot op heden was de oorzaak onbekend en daarom werd druk gezocht naar een verklaring, die varieerde van onbedoelde bijvangst van de visserij tot scheepsschroeven. Vooral nabij Stellendam/Kwade Hoek spoelen jaarlijks tussen eind februari en eind maart tientallen beschadigde bruinvissen aan. Kleinere concentraties van verminkte bruinvissen vinden we bij Den Helder/Texel. Op andere plaatsen is het verschijnsel nog minder opvallend, maar soms worden verscheurde bruinvissen gemeld van Ameland of langs de Hollandse kust.

    Patronen van beschadiging

    Naar aanleiding van de berichten uit België zijn Nederlandse onderzoekers aan de slag gegaan. De bruinvissen die op doodsoorzaken worden onderzocht op de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht zijn met de Belgische wetenschap in het achterhoofd opnieuw bekeken aan de hand van de sectierapporten en foto's. Hiertoe zijn alle secties van 2003-2013 opnieuw door de molen gehaald. De bruinvissen bleken goed in te delen in categorieën van beschadiging: 1) rechte of hoekige stukken vlees ontbreken aan kop of keel, 2) dezelfde stukken vlees ontbreken in het midden van het lichaam, 3) of er zijn andere beschadigingen (bijvoorbeeld een ontbrekende staartvin). Veel dieren uit categorie 1 of 2 vertonen bovendien parallelle krassen op of dito gaatjes in het lichaam. Daarnaast is gepoogd DNA van grijze zeehond aan te tonen in de verwondingen. Dat laatste is gelukt bij drie bruinvissen, en dat is een primeur voor in zeewater drijvende kadavers.

    Levend gevangen

    Het is daarmee bewezen dat de bruinvissen levend worden gepakt door de grijze zeehonden, want er zijn onderhuidse bloedingen aangetroffen, en die ontstaan niet als een dode bruinvis wordt aangevreten. Op grond van het bestudeerde materiaal denken de onderzoekers dat misschien wel 25% van de onderzochte bruinvissen 'zeer waarschijnlijk' of 'misschien' ten prooi is gevallen aan een grijze zeehond. Aangevallen bruinvissen overlijden omdat ze leegbloeden. Zo'n 6% van de onderzochte bruinvissen lijkt te zijn ontsnapt aan de aanval, maar is ofwel alsnog overleden, ofwel later aan een andere doodsoorzaak bezweken. Dit blijkt uit ontstoken of geheelde kenmerkende krassen of punten die grijze zeehonden met hun klauwen toebrengen.

    Maagonderzoek ondersteunt het vermoeden

    Van de onderzochte bruinvissen is stelselmatig de maaginhoud onderzocht en ook dit leverde opmerkelijke resultaten op: er blijkt verschil te zijn in dieet tussen dieren met verwondingen aan de kop en dieren waarbij vlees elders op het lichaam ontbreekt. Bruinvissen met verwondingen aan de kop aten als laatste maaltijd pelagische vis (vis die in de waterkolom zwemt), terwijl bruinvissen die midden op het lichaam zijn gegrepen als laatste maaltijd bodemvis op het menu hadden staan. Dat bewijst dat er niet een machine aan te pas komt die de dieren willekeurig verwond. Het patroon past beter op een predator die systematisch te werk gaat.

    Grijze zeehonden maken geen onderscheid tussen mannetjes of vrouwtjes bruinvissen, maar pakken wel duidelijk vaker dan gemiddeld jonge dieren: 84% van de prooien bestaat uit onvolwassen bruinvissen. Dat is iets meer dan verwacht kan worden op grond van wat er strandt, want van het totale aandeel onderzochte bruinvissen (647 exemplaren) maken jonge dieren 66% uit.

    Doodsoorzaken van Nederlandse bruinvissen

    De belangrijkste doodsoorzaken van bruinvissen langs de Nederlandse kust zoals ze nu zijn vastgesteld door de Utrechtse pathologen zijn:

    1) bijvangst (20%)

    2) ziekte (18%)

    3) predatie door grijze zeehond (ten minste 17%)

    4) vermagering (14%)

    Het zou interessant zijn om te weten hoe het gedrag van bruinvissen jagen zich heeft ontwikkeld. Bij ons zijn, sinds de toename van de grijze zeehond in Nederlandse wateren, grote aantallen bruinvissen een relatief nieuw fenomeen, maar in bijvoorbeeld Schotland komen beide soorten al lang samen voor. Voor zover bekend zijn daar echter nooit aan stukken gereten bruinvissen gevonden. Het gedrag is dus lokaal ontwikkeld. Het is zelfs waarschijnlijk dat maar een heel klein deel van de grijze zeehonden op bruinvissen jaagt, wat een verklaring zou zijn voor de geringe verspreiding van verscheurde bruinvissen langs de Nederlandse kust.

    Het nu gepresenteerde onderzoek is een mooi resultaat van een vruchtbare samenwerking van allen die betrokken zijn bij het bruinvisonderzoek: de melders en verzamelaars van dode bruinvissen, dierpathologen, DNA-onderzoekers en ecologen.

    De pdf's van de artikelen zijn te downloaden via de hieronder staande links.

    Haelters J., F. Kerckhof, T. Jauniaux & S. Degraer 2012. The grey seal (Halichoerus grypus) as a predator of harbour porpoises (Phocoena phocoena). Aquatic Mammals 38: 343-353 [doi:10.1578./AM.38.4.2012.343]

    Leopold M.F., L. Begeman L., J.D.L. van Bleijswijk, L.L. IJsseldijk, H.J. Witte & A. Gröne 2014. Exposing the grey seal as a major predator of harbour porpoises. Proceedings of the Royal Society B. doi: 10.1098/rspb.2014.2429

    van Bleijswijk J.D.L., L. Begeman., H.J. Witte, L.L. IJsseldijk, S.M.J.M. Brasseur, A. Gröne & M.F. Leopold M.F. 2014. Detection of grey seal Halichoerus grypus DNA in attack wounds on stranded harbour porpoises Phocoena phocoena. Marine Ecology Progress Series 513: 277-281 doi: 10.3354/meps11004